arrow btn arrow right arrow left chevron mouse pulser checkmark date calendar

Formatie: nu schot in de zaak!

18 mei 2021
Adriaan

Nadat de afgelopen twee maanden in het teken stonden van de onderlinge verhoudingen en cultuur in Den Haag, wordt vanaf deze week gesproken over de inhoudelijke onderwerpen die aan bod moeten komen in een herstelplan en een regeerakkoord. Dat gebeurt onder leiding van Mariëtte Hamer, voorzitter van de Sociaal Economische Raad (SER) en voormalig Tweede Kamerlid. In deze onzekere tijden kunnen we ons geen vertraging meer veroorloven; Hamer lijkt daarom de aangewezen persoon om schot in de zaak te brengen.

Door Adriaan Andringa, Adviseur Public Affairs

Mevrouw Hamer is geen onbekende voor FME en de technologische industrie. Zo is ze voorzitter van de SER, waar onze voorzitter Ineke Dezentjé Hamming ook plaatsvervangend lid van is. In dat verband werkt FME, samen met sociale partners, op dit moment aan een advies over Versterking van de Industrie. Bovendien bracht mevrouw Hamer in 2016, met onder meer Hans de Boer (VNO-NCW) en Ton Heerts (FNV), op uitnodiging van FME een bezoek aan de Hannover Messe. Haar uitgebreide ervaring in politiek Den Haag én met werknemers en werkgevers moet mevrouw Hamer nu inzetten om de formatie vlot te trekken, zodat economisch en maatschappelijk herstel op gang kunnen komen.

Impact

De informateur wil in gesprek treden met vertegenwoordigers van sectoren die zijn geraakt door de pandemie. Hoewel de technologische industrie de deuren nooit volledig heeft hoeven sluiten, is ook onze sector hard geraakt. We zien dat bijvoorbeeld de vraag naar touringcars en vliegtuigonderdelen wereldwijd is ingestort. Bedrijven in onze sector zijn kapitaalintensief, wat betekent dat de noodpakketten met een focus op loonkosten (NOW) maar beperkte impact hebben; de afschrijving op fabrieken en voorraden en leasekosten voor apparatuur en machines zijn ondanks de vraagtuitval gewoon doorgegaan. Export van technologie voor industriële toepassingen én voor consumenten heeft een knauw gekregen, terwijl kwetsbaarheden in internationale waardeketens tijdens de pandemie pijnlijk zichtbaar werden. Die exportkracht krijgen we alleen terug door te innoveren – door producten te maken die nergens anders worden gemaakt – maar door omzetdaling hebben bedrijven in onze sector juist in hun innovatiebudgetten moeten snijden. Als we niet ingrijpen laat de impact daarvan zich nog jaren voelen.

Prangend

FME denkt natuurlijk graag mee met mevrouw Hamer over wat er nodig is voor een herstelplan op korte termijn en een regeerakkoord op lange(re) termijn. Twee maanden geleden pleitte Ineke Dezentjé er al voor om voor met dat herstelplan tempo te maken. Dat is alleen maar prangender geworden. Wat ons betreft moet op korte termijn de focus liggen op de overgang van brede noodpakketten naar precieze herstelplannen. Denk daarbij aan een tijdelijke deeltijd-WW die veel efficiënter en effectiever ingezet kan worden dan de brede NOW-regeling. Of aan gerichte compensatie van leeggelopen innovatiebudgetten in plaats van de brede Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) -regeling. En kansen die Europese regelingen en middelen kunnen bieden – de Recovery and Resilience Facility (RRF) is bekend, maar ook Horizon Europe en de Important Projects of Common European interest (IPCEi) zijn relevant – benut Nederland nu nog nauwelijks.

Voetlicht

In een breed regeerakkoord moet verder gekeken worden dan de huidige crisis; wat is er nodig om de grote transities van onze tijd – op technologie, arbeidsmarkt, energie, klimaat, zorg, voedsel – tot een succes te maken en hoe kan de technologische industrie daaraan bijdragen? De welvaart van Nederland is immers een collectieve verantwoordelijkheid die ook onze sector moet dragen. Daarvoor moeten we echter eerst het herstel inzetten en de pandemie achter ons laten. Aan mevrouw Hamer de taak om die urgentie ook in Den Haag over het voetlicht te brengen. Laat de politieke crisis, geen economische crisis worden.

Sluiten